Columns 2012

2012

Skelet langs spoorwegtalud 14/4/12

Een bladskelet is een halfvergaan blad. Na de winter is het bladmoes van sommige bladen van de Grauwe abeel al verteerd, maar de nerven tot de allerkleinste nog niet. De mannelijke katjes zijn al uitgebloeid en liggen massaal op het fietspad tussen station Buytenwech en Voorweg. Bij voorkeur plant men mannelijke bomen aan, want de vrouwelijke bomen produceren in de herfst enorme hoeveelheden zaad dat omgeven is met katoenachtig pluis.
De Grauwe abeel is een bastaard van twee soorten, de Witte abeel en de Ratelpopulier. Beide soorten behoren tot de groep van de witte populieren. De boom is gemakkelijk te herkennen aan de grijsachtige gladde bast met ruitvormige openingen. De soort heet Grauwe abeel omdat de onderkant van het blad niet zo wit is als bij de Witte abeel. De naam abeel is afgeleid van het Latijnse abulus, een verkleinwoord van albus dat wit betekent.
Populierenhout wordt gebruikt in de klompenindustrie en voor de fabricage van lucifers. Omdat er in Nederland nauwelijks houtopstanden van de Grauwe abeel voorkomen is deze boom daar niet zo geschikt voor. Wel komt de boom veel langs straten en in parken voor. Zo staan er in Zoetermeer vele uit de kluiten gewassen exemplaren.

KNNV-Ztm

Wat gebeurt er NU op de Jaarring 2011 7/4/12

Op dinsdagochtend 27 maart bestond Zoetermeer als groeikern vijftig jaar. Vijftig jaar met een voorgeschiedenis van meer dan duizend jaar: Abraham zien en Methusalem zijn! Tijdens Jaarringen 2011 werd in een lezing door mevrouw drs Botine Koopmans aandacht gegeven aan het ontstaan van de stad uit het dorp. Wethouder Edo Haan vertelde in een artikel in de Volkskrant dat na groei het nu tijd wordt voor bloei. Dat klopt in ieder geval voor dit jaargetijde, maar klopt dat ook voor de stad? Op de tentoonstelling in het Stadsmuseum zag ik onder de titel ’De polder voorbij’ een boeiende collectie foto’s uit de collectie van Wim Goutier. Zoetermeer in aanbouw. Wat mij trof was de stevige kijk op de stad zoals die zou moeten worden, het perspectief, het verlangen om er iets goeds van te maken, het bouwen. In de Vuurtorenschool zag ik de dubbeltentoonstelling – ik ga hier in een volgende column nog nader op in. Daar bezocht  ik onder andere het tijdelijk atelier van Vera Zegerman: zij nodigt alle Zoetermeerders uit om een wens of een verlangen op te schrijven en in kleine doorzichtige bollen te doen die later dit jaar op de Dobbe komen drijven. Duizend en één wensen voor Zoetermeer. Valt er dan nog zoveel te wensen? Vera Zegerman denkt in ieder geval van wel. Ik sluit me graag aan: hoe oud je ook bent of wordt: het is mooi dat er altijd nog wat te wensen blijft.  Welke wens zal ik DOEN?

MW

Pages: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24